Camper & Country

Click here to edit subtitle

2013 Frankrijk en Italië

Op onze 1e grotere trip in 2013 gaan we door Frankrijk naar Antibes, brengen we een bezoek aan Monaco en reizen langs de Italiaanse bloemenriviera. Via het Lago Maggiore en de Valléee d'Aosta rijden we door de Mont Blanc tunnel weer naar Frankrijk.

Op 18 april vetrokken we in de middag voor onze eerste grotere trip dit jaar. De 1e stop was gepland in Zuid België, en zoals bijna gebruikelijk reden we via Goeree Overflakkee en de N59 naar de snelweg om via Bergen op Zoom naar Antwerpen te tuffen. In tegenstelling tot voorgaande jaren, besloten we nu om na Antwerpen de A12 te nemen richting Boom zodat we westelijk van Brussel deze grote stad zouden passeren. Normaal, maar ja wat is normaal?? Na de gebruikelijke files op de ring bij de twee steden, reden we via de E19 langs Nivelles en de ring rond Charleroi en Somzée over de N978 naar de Barrage de L’Eau d’Heure waar aan de Barrage de Plate Taille een mix parking is waar campers mogen overnachten. Er stonden een stuk of 10 campers verspreid over de grote parkeerplaats. We vonden een plekje direct aan de kant van het meer, met uitzicht op de weg over de stuwdam.

Vrijdag de 19e hadden we een behoorlijke rit gepland en zoals afgesproken lieten we de snelweg voor wat het was en gingen we vanaf vandaag alleen nog maar “binnendoor”. Mevrouw TT heeft goed naar ons geluisterd en heeft ons perfect door het 1e deel van Frankrijk geloodst. Eerst nog een stukje N978, over de stuw naar het zuiden om uiteindelijk via Couvin en de N5 bij Brûly de grens met Frankrijk te passeren. (Nee ik zeg ff niks meer over het slechte wegdek op grote delen van deze laatste route)

Via Rethel en de D 933 en N 44 ging het richting Châlons en Champagne en daarna de D 977 langs Sommesous (D977 wordt D677) en Arcis sur Aube richting Troyes. Opvallend vandaag, de bomen worden steeds groener en we zien een toename van het aantal campers. Via de D444 zakken we verder. In het Foret d’Aumont stoppen we bij een picknickplaats om wat te drinken, waarna we na Chaource de eerste wijngaarden zien in deze streek (Bourgogne). Bij Tonner rijden we eerst langs Leclerc voor diesel (1,33!!) en wat “vergeten” boodschappen. We vervolgen de D944 via Yrouerre en de D606 naar Saulieu. Hierna gaan we binnendoor over de D26a naar Champeau en Morvan, waar we om half zeven aankomen op de mix parking aan het Lac du Chamboux. Een viertal andere camperaars hebben deze plek ook gevonden. Geweldige plek, midden in de natuur en uitzicht op het meer.

 

Erpion (B), Barrage de la Plate Taille

Champeau en Morvan (F), Lac de Chamboux

Treffort (F), Lac de Monteygnar Avognonet

Zaterdag de 20e, de volgende etappe richting het zuiden. Na een rustige nacht rijden we via Saulieu verder over de D15 richting Autun en Chalon sur Saône en over de D978 en D933. Om Bourg en Bresse door een fraai bos (inclusief eekhoorn) richting de D1075, waar we op een P bij het station van Pont d’Ain de lunch hebben genuttigd. Onderweg regelmatig spetters en erg grijs (zowel het weer als de bevolking onderweg). Over de Rhône rechtsaf via de D65 i.p.v. rechtdoor over de D1075, naar de D1085 bij Nicolas Vermelle. Na een drinkpauze op de Col du Banchet (555 meter) naar Rives. Daar was flinke drukte vanwege een groot dorpsfeest. Paarden-, varkens-, schapen- en geitenmarkt met natuurlijk een grote braderie. Bij Voreppe een stuk A48 langs Grenoble en daarna weer de D1075. Bij Monestier de Clermont gingen we over de berg heen en onder de snelweg door over een kleine slingerweg naar Treffort. Aan het Lac de Monteygnar Avognonet (zie de foto boven) was een mix parking waar campers konden overnachten. Het was daar erg stil. Slechts 4 campers en vanwege het grijze weer verder geen mensen. Het waterpeil in het meer stond volgens ons wel erg laag.

 

 

Zondag, 21 april. Op het camperforum hadden we gelezen dat je een leuke wandeling kon maken bij dit meer. Gelet echter op het grijze weer en de lage temperaturen besloten we dit niet te doen en verder door te rijden naar het zuiden. Eerst even de watertank gevuld (gratis water hier). Na de klim vanaf het meer reden we via Monestier de Clermont weer over de D1075. Op zondag zijn ook veel Fransen onderweg, want het was aanzienlijke drukker dan gisteren. In de mist via de Col de Croix Haute over een hoogte van iets minder dan 1.200 meter, waar nog sneeuwresten te zien waren, kwamen we bij Sisteron, waar we weer aansloten op de D1085. De Michelin gids Frankrijk geeft hier voor het eerst de Route Napoleon aan. Onder langs de citadel, die we een aantal jaren gelden al hebben bezocht ging het door het dorp richting Digne les Bains. De D1085 wordt hier N85 en verderop weer D4085. Een prachtig slingerende weg met een aantal flinke haarspeldbochten, om uiteindelijk te eindigen in het dal bij Castellane. We besloten om op de CP bij de bekende rots van Notre Dame du Roc te overnachten. We sloten de middag af met een korte wandeling door het dorp.

Op een gegeven moment in de avond viel het licht in de camper uit. De huishoudaccu was aardig leeg nadat we de afgelopen dagen niet aan de stroom hadden gestaan. Normaal laadt de accu wel op tijdens het rijden, maar blijkbaar was dat niet genoeg.

Maandag 22 april. Een korte etappe vandaag, dus rustig aan. Na het ontbijt eerst naar de lokale Casino voor diesel en wat boodschapjes en daarna vervolgden we onze reis verder via de Route Napoleon (D4085 en na het dorpje La Doire een nieuw departement dus een nieuw wegnummer de D6085). Dit deel naar Grasse is een fraaie en bochtige weg met een forse stijging en daling op de Pas de la Faye. Vlak na het grote Maison d’Arret (flinke gevangenis dus) begint de bochtige afdaling naar Grasse en ook in deze grote stad is het een wirwar van straten, rotondes en soms flinke afdalingen. De TT loodst ons feilloos door deze grote stad om ons uiteindelijk in Antibes keurig naar Camping La Rossignol te leiden. Iets voor 14.00 uur melden we ons bij de receptie. Na het inchecken liep de campingbaas rustig voor ons uit om ons naar een plek te wijzen. Er stonden redelijk veel campers op deze camping. Nadat de camper was geïnstalleerd en wij hadden geluncht heb ik eerst een plattegrond van Antibes gehaald bij de receptie. Handig als je op z’n minst wilt  weten waar je heen moet en hoe je terug moet. Vanaf de camping was het ongeveer 1 km. wandelen naar de zee. Nou bleek aan die kant weinig wandelpad, maar langs het water en over de kiezels liepen we richting het Fort, Port Vauban en de oude haven. Het was een drukke boel daar. Veel grote jachten in de haven, maar ook voor onderhoud op de kant. Wat we daar hebben zien liggen was nog imposanter dan twee jaar gelden in Saint Tropez. Beetje jammer van de regen die we op ons kop kregen, want met een zonnetje ziet het er toch vrolijker uit. Na een drankje in het Grand Café de la Gare en een bezoekje aan La Gare, gingen we terug naar de camper.

Vandaag nog een dagje Antibes. De weersverwachting was zonnig voor vandaag, dus gingen we op de fiets vanaf de camping naar de haven. Een stuk fietspad, maar het grootste deel over de weg, want ja, Frankrijk en fietspaden, ze zijn er wel, maar niet hier in de buurt. Het blijft wel opletten met die Franse kamikazepiloten. (Gelukkig niet allemaal). We waren snel bij de haven, hebben daar onze fietsen geparkeerd en toen een rondje gewandeld. Eerst over een “vesting” muur met fraai uitzicht op de jachten in de haven aan de ene kant en de Middellandse Zee aan de andere kant. Daarna door een toegangspoort naar de oude stad. Een wirwar van kleine straatjes met winkeltjes en restaurantjes, uiteindelijk uitkomend op de Place de la République. Een plein met veel terrasjes. Hier hebben we lekkere broodjes gekocht voor de lunch. Daarna een flinke wandeling gemaakt langs het strand in de richting van Juan les Pins. Fraai weer vandaag dus al behoorlijk druk op het strand.

Woensdag de 24e, Gerda jarig. Vandaag staon een dagje Monaco op het programma en de weersverwachting was erg zonnig. We hadden al gezien dat vanaf Antibes ieder half uur een trein richting Ventimiglia (Italië) ging. Deze trein stopt o.a. in Monaco. Wij weer op de fiets naar het station. Fietsen geparkeerd en op slot. En nu met-de-trein-mee!

Nou de kaartjes nog. Welke van de beide automaten moet je hebben?? De gele of de blauwe?Geen idee dus. Bleek er een aparte balie te zijn. Dus 2 retour Monaco. We konden de trein van 11.00 uur halen. Nou probleem. Er bleek een staking of zoiets aan de gang (of was geweest) en “l’ inspecteur” had een paar regionale treinen laten vervallen. We mochten wel met dit kaartje alvast met de TGV naar Nice. Daar moesten we maar verder kijken. De eerstvolgende trein richting Monaco zou bijna 2 uur later pas vertrekken. Wij eerst maar Nice in voor een koffiestop. Een grote brede winkelstraat met trams in het midden en genoeg Grand Cafés en restaurants lag daar op ons te wachten. Maar ja, normale koffie, dat was dus hier Espresso (klein kopje) en “gewone” bleek dus American te heten. Vinden we goed. Na de koffie  door de winkelstraat terug naar het station. Inmiddels stond daar een flink aantal mensen. En ja hoor, Ventimiglia, spoor D om 12.25 uur en om 12.15 de melding “supprime” =verwijderd!!. Ook deze trein was dus uitgevallen en pas om 13.25 uur, nadat we eerst een broodje hadden gescoord op het station zaten we in een rijdende trein naar Monaco.

 

 

 

Het station in Monaco is geheel ondergronds. Vanaf dit station liepen we recht naar de haven. Een imposant gezicht al die grote luxe schepen. Er lagen ook een tweetal grote cruise schepen voor de haven. Het beeld van de haven, de schepen en de bebouwing tegen de heuvels aan was in werkelijkheid nog indrukwekkender dan dat we ooit op de tv hadden gezien. Langs de haven (Port Hercule) was men al druk bezig met de opbouw van de tribunes voor de jaarlijkse GP. Af en toe leek het al GP als er weer eens een of ander racemonster langs kwam jakkeren. Ferrari, Maserati, Porsche en Lamborghini zijn hier net zo normaal als de statige RR’s.

 

Eerst maar eens een foto van de jarige Gerda. Ze kon niet kiezen uit alle bootjes. Ze houd het maar liever bij de camper, dan ben je veel moibieler en heb je niet zoveel personeel nodig. 

  

 

 

Nadat we een flinke wandeling langs de haven hadden gemaakt, besloten we met Le Grand Tour de Monaco (een hop on - hop off bus) het stadje te bekijken. En een mazzeltje. Gerda is wel jarig vandaag (62 dus), inmiddels leuk grijs en ik (Frans dus) zal wel een ouwe kop hebben, maar we werden wel ingedeeld in de senioren klasse. Betekent wel gereduceerd tarief en dat terwijl we nog lang (  nou ja lang??) geen 65 zijn.   

 

De bustour startte vanaf de haven en ging gelijk door de “bekende” tunnel langs het Grimaldi forum en het imposante casino de Monte Carlo. Dan bergop richting de Cathedraal en het Paleis. Bij een van de tussenstops aan de haven lieten we de bus voor wat het was en gingen te voet verder naar het Océanographique Musée de Monaco en door de oude stad naar het Prinselijk paleis waar we de wisseling van de wacht hebben bekeken. Vanaf het plein voor het paleis heb je een schitterend uitzicht over de bebouwing, de haven en de Middellandse Zee

Daarna volgde een lange afdaling vanaf het plein voor het paleis naar de stad terug te gaan naar het station, waar om 17.46 uur de trein richting Cannes zou vertrekken. Omdat we nu het gehele traject een stoptrein hadden, waren we ruim een uur later weer terug in Antibes. Moe, maar voldaan van deze dag.

 

Vandaag, donderdag de 25e, verlaten we Frankrijk en gaan naar Italië. De camper weer reisklaar gemaakt, vuil water geloosd en schoon water ingenomen en nadat we hebben afgerekend op Camping Le Rossignol in Antibes, besluiten we om geheel tegen de gewoonte in vandaag toch een stuk snelweg te nemen. Vanaf Antibes gaan we over de A 8 (tolweg) naar Italië. We passeren totaal 3 tolpoortjes en een niet geteld aantal tunnels. Waarom  toch over de snelweg?? Nou simpel, zo vermijden we een rit door Nice en wellicht ook door Monaco. Daar wil je niet rijden.

Op de A8 nemen we de afrit naar Menton. Eerst boodschapjes doen bij een grote Intermache en dan via de D2566 naar de D6007. Hierna rijden we vanaf Menton langs de kust zo Italië binnen. De D wordt hier de SS2. Een prachtige slingerende weg met aan de ene kant de zee en de bebouwing op de rotsen aan de andere kant. Via Ventimiglia en Ospedaletti komen we vlak voor San Remo op de CP Area Communale Pian di Poma. Een grote CP gelegen aan de Middellandse zee. Na de lunch lopen we richting San Remo, genieten van de vele toeristen en een verfrissing in een standtent om daarna weer terug te gaan naar de camper.

De bij de Intermache gekochte kabeljauw werd door de meester-kok himself gebakken en samen met een gekookt aardappeltje en worteltje (met doppert) geserveerd. Ook de gekochte dessertjes (Tiramisu en Pana Cotta, we zijn tenslotte in Italië) smaakten prima.

Dit is overigens onze eerste Italiaanse reis met de camper en überhaupt de eerste keer dat we in Italië zijn. Nou, ik kan je verzekeren, niet te verstaan die Italianen.

  

 

Vrijdag de 26e een korte verplaatsing. Nadat we hebben afgerekend op de CP in San Remo, direct rechtsaf op de P1 en aansluiten in de file!!. Er is behalve de snelweg maar 1 kustweg en vandaag dus erg druk. Maar ja, je moet wel eerst San Remo door en dat is stoplichten werk en zelfs een mobiele politie agent die het verkeer stond te regelen met zo’n soort van klein bordje wat je vroeger alleen zag op treinstations. Na San Remo ging het snel over de bochtige maar mooie kustweg. Langs Arma di Taggia, Stefano al Mare, Porto Mauritzio naar Imperia. Een redelijk grote stad. Verder over deze fraaie kustweg langs Diano Marina bergop en met een flinke daling richting San Bartelomeo al Mare en Cervo. We hadden gekozen voor de CP in Cervo, waar plek was voor 108 campers. Nou ik denk dat er nog 10 plekken vrij waren op deze vrijdagmiddag om half twee. Dit was een korte verplaatsing, slechts 36 kilometers, maar met alle vertraging bijna 2 uur over gereden.

 

 

 

 

Na de koffie en de lunch gingen we het stadje bekijken. Op internet hadden we al veel informatie over Cervo gelezen. Het is een bezienswaardig stadje, tegen de berg op gebouwd met bovenop een kerk en een kasteel. Smalle oplopende straatjes met fraaie poortjes en een steeds mooier uitzicht over de zee. We kwamen o.a. bij een restaurant met terras met zeezicht waar we eerst hebben genoten van een lekkere grote ronde pannini met tonijn en een verfrissing. Daarna verder klimmen door de smalle straatjes voor een bezoekje aan de kerk. Het was redelijk druk in dit stadje. Naar beneden lopend en onder het spoor door kwamen we op het strand en liepen  richting San Bartelomeo Veel wandelende Italianen en toeristen op deze boulevard, waar we het eerste Italiaanse ijsje hebben gescoord. Rond half zeven waren we terug op de CP

Na 1 nachtje Cervo gingen we verder noordwaarts over de kustweg langs leuke plaatsjes als Marina di Andora, Alassio, Albenga en Loano naar de CP aan de kust bij Finale Ligure. Een beetje lastig te vinden plek, maar uiteindelijk vonden we een mooie plaats met uitzicht op zee. Beetje jammer van de regen vandaag, maar uiteindelijk aan het eind van de middag klaarde het op zodat we toch nog een wandeling naar het stadje met smalle straatjes hebben kunnen maken. Ook nu weer aardig druk ondanks het tegenvallende weer. Mooie winkeltjes met ook een aantal traiteurs waar veel verse pasta’s te koop waren. Voordat we terug gingen naar de camper hebben we ook nog brood gekocht.

Na een stormachtige nacht ( de wind dus!!), besloten we om vanaf Finale Ligure via de bergen over de P490 naar het noorden te rijden. Het ging bergop richting de Colle di Menogno, een bergje van iets meer dan 1.000 meter, maar behoorlijk nog in de wolken. Met een zicht van soms nog geen 50 meter bleek de route naar de P16 afgesloten en moeten we via kleine witte weggetjes verder. We kwamen op een (te?) smalle en slechte weg, maar ja keren is hier niet echt mogelijk. Uiteindelijk kwamen we lager en hadden weer normaal zicht, om na bijna 1 uur en een ervaring rijker terecht te komen in Feglino, op nog geen 5 kilometer van ons startpunt. Waarom die Italianen nou niet even aan het begin van de weg een bord zetten dat er iets afgesloten is? En een omleiding aangeven zou ook wel aardig zijn!

Vanaf Finale hebben we de kustweg verder gevolgd richting Savona.

De gehele kustweg vanaf de Franse grens tot en met Savona vonden we erg mooi. Fraaie uitzichten over de Middellandse Zee en mooie panorama’s op de verschillende stadjes en dorpjes die hier tegen de bergen zijn gebouwd.

 

Vanaf Savona ging het richting Altara en weer talloze tunnels richting de P 29 gereden. Overigens weer een fraaie weg, met mooie uitzichten maar wel hier en daar slecht asfalt. Hier verlieten we de provincie Liguria en kwamen in de provincie Piemonte.

Via Acqui Therme en Alessandria reden we door de Po vlakte. Opvallend hier de vele rijstvelden, maar verder een tamelijk kaal landschap. Via Novara (dat ligt op gelijke hoogte als Milaan) reden we richting het Lago Maggiore. Het begon weer te regenen nadat het de hele dag droog was geweest. Langs Arona over de S33 langs het meer reden we naar Baveno waar we op een camping direct aan het water gingen staan.

Vandaag een behoorlijk lange tocht achter de rug met het “verlies” van ruim 1 uur aan het begin van deze dag.

We hebben ‘s avonds gegeten in het mooie Ristorante Posta. Vooraf allebei de carpaccio van zalm, voor Frans daarna de huisgemaakte lasagna en als afsluiter een voortreffelijke tiramisu. Gerda koos rundercarpaccio met walnoten en gorgonzola als hoofdgerecht en als dessert een overheerlijke pudding van vanillemascarpone met stukjes peer en amaretto koekjes. En daarbij een prachtige rosé uit Piemonte. Heerlijk in één woord.

     

Zoals gepland (maar ja wat is plannen met een camper) bleven we nog 1 dag op de camping. Beetje luieren, dus laat het bed uit, en de rest van deze regenachtige dag in de camper vertoeft. Overigens had het de hele nacht ook behoorlijk geregend. Pas aan het eind van de middag werd het een beetje droog en pas na het eten hebben we nog een klein stukje kunnen wandelen. (zonder paraplu)

 

Een mooie plek aan het Lago Maggiore

 

En een nog mooier uitzicht met een zonnetje erbij??

Dinsdag 30 april, de dag van de kroning van onze nieuwe koning. Een enthousiaste camperaar op de camping had nog wel een klein Nederlands driekleurtje op de camper gehangen. Voor ons was het de dag van vertrek. Eigenlijk hadden we nog een rondje Lago Maggiore willen doen, maar gelet op de weersverwachting besloten we verder te gaan. Na een ariverdeci en maybe tot ziens reden we eerst naar de Lidl in Arona. Ik heb tenslotte niet voor niets alle Lidl’s van Europa in de TomTom gezet.

Vanuit Arona ging het, na een tankbeurt ( de hoofdprijs voor diesel is voor Italië met maar liefst 1,62 eurie!!), richting Biella en via de P143 en P228 naar Ivrea. In Borgofranco d’Ivrea hebben we op een dorpsplein de camper neergezet voor de lunch. We waren net klaar en BOEM!!. Het zal toch niet hè. Jawel, een auto was achteruit bij de bijrijders kant tegen de camper aan gereden. De jongedame van die auto was behoorlijk geschrokken en wij ook. Ik zag dat er een behoorlijke deuk aan de achterkant van haar auto zat en dat het rechterlicht compleet kapot was. Gelukkig bleek er bij deze jongedame een groepje jongeren te horen waarvan 1 jongeman Duits sprak. De schade aan de camper was niet noemenswaardig. Slechts een paar kleine krasjes naast de deur tegen de “uitbouw”. Het bleek dat de deuk van de andere auto van een vorige aanrijding was en dat zij nu slechts het achterlicht had kapot gereden. En dan toch zo’n klap. Uiteindelijk hebben we de zaak geregeld en konden we verder.

Via Pont St. Martin reden we over een prachtige weg (S26) met mooi uitzicht en parallel aan de autostrada (A5 E25) de Vallée d’Aosta in. Vlak langs de bergwand en met hier en daar veel water op de weg vanwege de regen van de afgelopen dagen. Onze reis eindigde vandaag in Fenis, een klein dorpje langs deze weg met maar liefst 3 camper locaties.

Wij kozen voor de CP naast het kerkhof.

Nog even de stoeltjes buiten gezet en genoten van de omgeving, met op de voorgrond de bergketen met o.a. de Mont Blanc. Het was weer een fraaie rit vandaag.

Woensdag 1 mei. Vanaf Fenis rijden we verder door de Vallée d’Aosta. De weg gaat hier steeds parallel aan de autostrada. Via Aosta gaat de weg slingerend en door een aantal tunnels richting Courmayeur. Onderweg nog redelijk veel water op de weg wat uit de bergen komt. Vlak voor Aosta houden we nog een koffie pauze voordat we verder gaan. Vlak na Courmayeur rijden we via ene grote bocht bij Entrèves naar de ingang van de Mont Blanc tunnel. Hier nog de Monta Bianco. Na afrekenen van de tol ( 54,70 eurie!!) waarbij we ook nog een overzicht van de veiligheidsregels voor de tunnel krijgen, rijden we door de prima verlichte en iets meer dan 11 kilometer lange tunnel.

Het weer aan de Italiaanse kant was al aardig opgeknapt, waardoor we een mooi overzicht hadden op de Vallée d’Aosta, maar aan de Franse kant scheen de zon volop.

 

 

 

We reden eerst door Chamonix Mont Blanc naar de grote parkeerplaats bij de liften bij de Col de Montets op een kleine 8 kilometer na Chamonix. Daar hebben we een kleine wandeling gemaakt.

Uiteindelijk besloten we terug te gaan naar Chamonix en hebben de camper geparkeerd op de grote parking bij de gondelbaan naar Aiguille du Midi. Vanaf deze plek liepen we zo naar het centrum van deze fraaie plaats, waar redelijk veel toeristen waren. Maar ja, 1 mei hè, dus alle winkels hier waren gesloten behalve souvenir shops en natuurlijk de restaurants. Op een terrasje hebben we heerlijk ijs gegeten ( belachelijke prijzen trouwens, maar ach..) en zijn daarna weer terug gegaan naar de camper.

Donderdag 2 mei, een stralende dag. Blauwe hemel, mooi zonnetje en een parkeerterrein dat aardig volliep. Skiërs en wandelaars gingen vandaag de berg op. Vanaf het dal op 1.030 meter gaat een gondel naar ruim 3.800 meter. Wij gingen vandaag verder op onze tocht.

Vanaf Chamonix over Autoroute Blanche (D1205) met een dalingspercentage van 7% richting Bonneville om daar verder over de D1205 te rijden richting Genève. Omdat we niet door de stad willen rijden kozen we voor een omweg rondom Genève. Via St. Julien en Genevois en langs het Fort de l’Ecluse, waar we de Rhône overstaken, ging het over de D984c via Gex en een prachtige klim over de Col de la Faucille (1.320 meter) in het Parc National Regional du Haut Jura in. Vervolgens nog een fraaie route over de bochtige N5 naar St. Laurent en Grandvaux om tenslotte te eindigen in Champagnole. Voor een camping was hier een CP met service punt. Omdat de camping nog gesloten was moesten we eerst bij het Office du Toerisme een paar jetons kopen om stroom uit de servicepaal te kunnen halen. De plek zelf was gratis omdat de camping pas op 1 juni geopend is. Later in de middag kwam er nog 1 Belgische en 1 Duitse camper bij op deze rustige plek.

Vrijdag de 3e gaan we onze tocht naar huis verder vervolgen. Vanaf Champagnole via Dole en Gray richting Langres. Door deze stad met zijn imposante vestingmuren (moeten we eens bezoeken) richting Chaumont. Uiteindelijk met een grote boog om St. Didier en door een bos. We laten Bar le Duc rechts van ons en koersen richting Varennes en Argonne naar Dun sur Meuse. We waren nog niet op de CP aan de maas of de dame van de VVV kwam het stageld innen. Slechts 7 euro, inclusief elektra en vers water. Kijk dat zijn nog eens fatsoenlijke prijzen voor een nachtje.

Het was vandaag wel een vervelende rit omdat we bijna de gehele dag (370 kilometer in de regen hebben gereden). Opvallend aan deze streek zijn de herinneringen aan de 1e wereldoorlog. Veel herdenkingskruizen in de landerijen en borden naar militaire begraafplaatsen.

Vandaag, zaterdag de 4e, wonderbaarlijk, een lekker zonnetje en een strak blauwe hemel. Omdat we eigenlijk eerder op deze plek waren dan vantevoren gedacht, besloten we een kleine etappe in te bouwen. Na het ontbijt eerst even gewandeld naar Dun sur Meuse om bij de plaatselijke Patisserie vers brood en wat lekkers voor bij de koffie te kopen. De Maas splitst zich hier in 3 delen, waardoor er ook 3 bruggen in dit dorpje liggen. Bij een van de bruggen stond een oorlogsmonument (2e wereldoorlog) en een heel verhaal op de brug. Ook in dit dorpje dus herinneringen aan de oorlog met zelf 2 kleine oorlogsmusea. Terug bij de camper lekker in het zonnetje van de koffie en het lekkers genoten, nog vers water getapt en verder naar het noorden.

 

 

We kozen voor de route via Stenay en Mouzon om Frankrijk te verlaten en door te rijden naar Bouillon in België. We wilden dit stadje bezoeken, maar gelet op de drukte was het eigenlijk onmogelijk om de camper ergens te parkeren. Dus maar verder over de N89. We namen de afslag St. Hubert en hebben daar op een nieuwe CP geluncht, ondertussen genietend van de vele zweefvliegtuigen die hier door de lucht cirkelen. Daarna door de Belgische Ardennen. Via een fraaie rit door La Roche naar Vielsalm en langs Malmedy naar de CP bij de Wesertalsperre iets voorbij Eupen.

Na een rustige nacht gingen we eerst nog een stuk binnendoor richting Nederland om uiteindelijk bij Eijsden ons land weer binnen te rijden. Na een tankbeurt hebben we het laatste stuk over de snelweg naar huis gereden.

Terugkijkend op een grotendeels verregende trip. Beetje jammer, maar wel veel leuke nieuwe dingen gezien.

Je kan wel zeggen met een camper zoek je de zon op, maar als het overal slecht weer is heb je weinig keus.

Terug naar reizen